Vind ondersteuning

Je bent niet alleen! Op deze pagina vind je veel ondersteunend materiaal, waaronder films, een bibliotheek en voorbeelden van good practices. Als u echter niet vindt wat u nodig hebt of als u advies nodig hebt over het gebruik van het materiaal of over hoe u de volgende stap kunt zetten, aarzel dan niet om contact met ons op te nemen, wij helpen u graag.

Jeugdwerk - wat? Waarom? Hoe dan?

Wat is jeugdwerk en wat niet? Voor wie, waarom en met welke inhoud? In deze acht films vind je het antwoord op deze vragen en nog veel meer. Ze kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt als basis voor discussies tussen jeugdwerkers of als informatie- en belangenbehartigingsmateriaal met betrekking tot politici en andere belanghebbenden.

Samen geven ze een uitgebreid beeld van jeugdwerk en wat er nodig is om het goed te doen, nog steeds standalone presentaties die voor verschillende doeleinden in verschillende contexten kunnen worden gebruikt.

Jeugdwerk – een gemeenschappelijke basis.
Hier leert u hoe het centrale Europese beleidsdocument en het Handvest de essentie van jeugdwerk omschrijven en definiëren.

Ontwikkeling van jeugdwerk – is dat nodig?
Hier vindt u wat er werkelijk nodig is om deze vraag op een kennisgebaseerde manier te beantwoorden en niet op basis van verouderde tradities en vooroordelen.

Wat kenmerkt kwaliteitsvol jeugdwerk?
Haar krijgt u te horen over zeven centrale kwaliteitscriteria voor jeugdwerk en wat er nodig is om eraan te voldoen.

De rol van de jeugdwerker.
Hier ziet u hoe jeugdwerkers zich moeten positioneren ten opzichte van jongeren om te handelen in overeenstemming met het beleid.

Het werkproces van de jeugdwerker.
Hier hoort u welke verschillende stappen jeugdwerkers moeten nemen en waar ze aan moeten denken bij het werken met jongeren.

Wie is succesvol in het werken met participatie?
Hier leert u hoe de mentaliteit en prikkels van jeugdwerkers van invloed zijn op hun vermogen om met de participatie van jongeren succesvol te werken.

De essentie van het lokale jeugdwerkbeleid.
Hier hoort u over het belang van een specifiek lokaal jeugdwerkbeleid en wat dit vraagt.

Kwaliteitsindicatoren voor jeugdwerk.
Hier komt u meer te weten over kwaliteitsindicatoren voor jeugdwerk en hoe u uw eigen meetbare indicatoren en doelen kunt instellen.

Bibliotheek

Beleidsdocumenten

Andere documenten

Jeugdwerk

Acties gericht op jongeren met betrekking tot activiteiten waaraan zij vrijwillig deelnemen, bedoeld om hun persoonlijke en sociale ontwikkeling te ondersteunen door middel van niet-formeel en informeel leren.  

Deze definitie staat los van welk orgaan of welke organisatie de eigenlijke activiteit opricht, bestuurt, organiseert of uitvoert en staat ook los van de context en omstandigheden waarin deze plaatsvindt. 

Dit betekent dat niet al het jeugdwerk noodzakelijkerwijs door jeugdwerkers wordt uitgevoerd. Het ontwerpen van financieringssystemen voor jeugdorganisaties is, in overeenstemming met de bovenstaande definitie, een voorbeeld van jeugdwerk dat gewoonlijk niet door jeugdwerkers maar door administrateurs wordt uitgevoerd. Maar de kwaliteit van deze financieringssystemen is natuurlijk van vitaal belang voor de algehele kwaliteit van het jeugdwerk. 

Bron: Kwaliteitswerk voor jongeren – Een gemeenschappelijk kader voor de verdere ontwikkeling van jeugdwerk, verslag van de deskundigengroep inzake kwaliteitssystemen voor jeugdwerk in de EU-lidstaten, Europese Commissie 2015 

Jeugdwerker 

Mensen die in direct contact staan met jongeren en activiteiten uitvoeren die bedoeld zijn om hun persoonlijke en sociale ontwikkeling te ondersteunen door middel van niet-formeel en informeel leren. 

Jeugdwerkers kunnen op hun beurt professionals of vrijwilligers zijn en ambtenaren zijn of voor ngo's werken. 

Bron: Kwaliteitswerk voor jongeren – Een gemeenschappelijk kader voor de verdere ontwikkeling van jeugdwerk, verslag van de deskundigengroep inzake kwaliteitssystemen voor jeugdwerk in de EU-lidstaten, Europese Commissie 2015 

Vanuit het oogpunt van kwalificaties en bekwaamheidsvereisten kun je in verschillende landen veel verschillende definities van “jeugdwerker” vinden, terwijl er in andere landen helemaal geen definitie is. In dit handvest is “jeugdwerker” gewoon iemand die jeugdwerk verricht, d.w.z. iemand die rechtstreeks in contact staat met jongeren en activiteiten stimuleert en ondersteunt op basis van de kernbeginselen. 

Dit betekent dat jeugdwerkers betaald kunnen worden of op vrijwillige basis kunnen handelen en ambtenaar kunnen zijn of actief kunnen zijn in een ngo. Het betekent ook dat mensen die actief zijn in bijvoorbeeld sport of cultuur jeugdwerk kunnen doen zolang ze zich houden aan de kernprincipes. Want, zoals vermeld in het verslag Werken met jongeren: de waarde van jeugdwerk in de Europese Unie; “Het verschil zit in de hiërarchie van doelstellingen en de openheid van de activiteiten. Sportactiviteiten die uitsluitend gebaseerd zijn op het verbeteren van de prestaties en het bereiken van excellentie in een bepaalde sport, zouden door vertegenwoordigers van de sector hoogstwaarschijnlijk niet als jeugdwerk worden beschouwd.” 

Om de verdere ontwikkeling van jeugdwerk te ondersteunen, moeten jeugdwerkers en aanbieders van jeugdwerk natuurlijk veel andere dingen doen dan “zuiver jeugdwerk”. Ze zullen onder andere moeten werken met administratie, fondsenwerving, informatie en belangenbehartiging. Deze taken zijn echter niet specifiek voor jeugdwerk en worden daarom, hoe belangrijk en tijdrovend ze ook mogen zijn, niet genoemd onder de opsommingstekens. Dit zou het handvest ook veel te lang, ongelijksoortig en moeilijk leesbaar maken. 

Kwaliteit

De mate van “kwaliteit” kan worden gedefinieerd als de mate waarin iets zijn functie vervult en de mate waarin de werkelijke resultaten aan de doelstellingen voldoen. In een eerste stap hangt de kwaliteit van jeugdwerk dus samen met de algemene doelstellingen – hoe goed het bijdraagt aan de persoonlijke en sociale ontwikkeling van jongeren. 

In een tweede en concretere stap heeft de kwaliteit van jeugdwerk betrekking op de kernbeginselen, die beschrijven hoe jeugdwerk moet functioneren om goede resultaten te boeken – hoe beter het is om aan de kernbeginselen te voldoen, hoe meer het zal bijdragen tot de persoonlijke en sociale ontwikkeling van jongeren. 

De uitkomsten zijn echter afhankelijk van de randvoorwaarden en processen/methoden die zijn opgezet om deze uitkomsten waar te maken. Kwaliteit moet daarom ook gerelateerd zijn aan de functionaliteit van randvoorwaarden en werkprocessen/methoden. 

Bron: Kwaliteitswerk voor jongeren – Een gemeenschappelijk kader voor de verdere ontwikkeling van jeugdwerk, verslag van de deskundigengroep inzake kwaliteitssystemen voor jeugdwerk in de EU-lidstaten, Europese Commissie 2015 

Indicatoren

Welke kenmerken zijn belangrijk als men de kwaliteit van jeugdwerk moet kunnen beoordelen? Wat zou de kwaliteit van jeugdwerk aangeven (aantonen, een teken zijn van, bewijzen)? Indicatoren zijn uw antwoorden op deze vraag. Het zijn referentiepunten waarmee de werkelijkheid kan worden vergeleken, geanalyseerd en beoordeeld. 

Er kunnen indicatoren worden opgesteld voor: 

  • Voorwaarden: bijv. ethische richtsnoeren en competentie van jeugdwerkers.
  • Werkprocessen: bv. het proces dat wordt gebruikt voor de erkenning van het leren van jongeren.
  • Resultaat:
    • Kwantitatieve outputs: bv. aantal deelnemers of activiteitsuren.
    • Kwalitatieve effecten: bijvoorbeeld waargenomen ervaringen of ontwikkelde vaardigheden. 

Let op. Er is een belangrijk verschil tussen indicatoren en doelstellingen! 

Doelstellingen zijn beschrijvingen van hoe of in welke mate de realiteit moet overeenkomen met de indicatoren. Twee voorbeelden kunnen zijn: 

  • Indicator: Jongeren nemen deel aan de evaluatie.                                  Doel: 50 % van de jongeren die aan jeugdwerk deelnemen, moeten deelnemen aan de evaluatie.
  • Indicator: jongeren voelen zich gehoord tijdens het evaluatieproces. Doel: 80 % van de jongeren die aan de evaluatie deelnemen, moet instemmen met de verklaring “Er is tijdens het evaluatieproces naar mij geluisterd”.

Resultaat

Uitkomsten zijn wat er gebeurt als gevolg van een actie of activiteit. Resultaten kunnen worden onderverdeeld in kwantitatieve output en kwalitatieve effecten. 

Kwantitatieve outputs zijn de rechtstreeks kwantificeerbare bedragen die zijn ontstaan als gevolg van jeugdwerk. 

Voorbeelden van kwantitatieve resultaten van jeugdwerk zijn:  

  • Aantal deelnemers 
  • Genderevenwicht 
  • Aantal activiteitsuren 
  • Aantal door jongeren geproduceerde evenementen 

Kwalitatieve effecten zijn wat er werkelijk gebeurt met jongeren, hoe zij zich ontwikkelen als gevolg van hun deelname aan jeugdwerk. Als kwalitatieve effecten worden gedefinieerd, betekent dit niet dat ze niet kunnen worden gemeten en beoordeeld. De houding van jongeren ten aanzien van specifieke kwesties, zoals immigranten of de politie, wordt bijvoorbeeld vaak gemeten en geanalyseerd om hun acties beter te begrijpen. Het is ook bekend dat positieve ervaringen, bijvoorbeeld als waardevolle hulpbron/persoon, zowel onze manier van kijken naar onszelf en de samenleving als onze manier van handelen veranderen. Deze ervaringen en percepties zijn mogelijke effecten van jeugdwerk en kunnen ook worden gemeten en in een tweede stap worden versterkt. 

Voorbeelden van kwalitatieve effecten op jongeren zijn: 

  • Waargenomen ervaringen/gevoelens (bv. om te worden voldaan als een hulpbron of een beter gevoel van eigenwaarde)
  • Veranderde houding (bijv. tegenover immigranten)  
  • Ontwikkelde zachte vaardigheden (bv. vermogen om samen te werken) 
  • Ontwikkelde vaardigheden (bv. vermogen om te koken) 
  • Verworven kennis (bv. over de Europese Unie) 

Voorwaarde

Voorwaarden zijn alles wat bij de hand moet zijn voordat u met jeugdwerk begint en omvatten onder meer voldoende financiële middelen en faciliteiten, evenals duidelijke doelstellingen en competente jeugdwerkers. 

Werkprocessen  

Werkprocessen zijn de routines en procedures die zijn opgezet om alles te behandelen, van communicatie en follow-up tot de manier waarop het leren van jongeren moet worden gedocumenteerd en zichtbaar moet worden gemaakt. Andere belangrijke werkprocessen houden verband met intra- en sectoroverschrijdende samenwerking en met interne en externe communicatie en informatie. De rol en de taak van jeugdwerkers in deze processen moeten duidelijk worden vastgesteld om te kunnen functioneren zoals voorzien. 

Jongeren

De definitie van jongeren in termen van leeftijd varieert van land tot land. De leeftijdscategorie van degenen die bij dit handvest betrokken zijn, moet het wettelijke en constitutionele kader en de bestaande praktijken in elk land weerspiegelen. 

Lokaal jeugdwerk 

Het overgrote deel van het jeugdwerk heeft zijn uitgangspunt en vindt plaats op lokaal niveau. De kwaliteit van het lokale jeugdwerk is daarom van cruciaal belang voor de algemene ontwikkeling van jeugdwerk, waar dit ook plaatsvindt. Erasmus+-uitwisselingen voor jongeren kunnen bijvoorbeeld worden omschreven als “Europees jeugdwerk”, maar moeten nog steeds stevig verankerd zijn in de lokale realiteit van de deelnemende jongeren. 

Lokaal jeugdwerk kan natuurlijk worden uitgevoerd door gemeentelijk personeel, maar even vaak en even belangrijk kunnen activiteiten zijn die worden uitgevoerd door jongerenbewegingen of -organisaties, onafhankelijke en ad hoc opgerichte groepen jongeren of ngo’s die hun activiteiten geheel of gedeeltelijk op jongeren richten. Bij het werken met dit handvest moet daarom rekening worden gehouden met het hele lokale jeugdwerklandschap, niet alleen in termen van wat er is, maar ook in termen van wat er zou kunnen zijn en mogelijke samenwerking en synergieën die kunnen worden bereikt.  

Ook al moeten andere niveaus en structuren in de samenleving worden betrokken bij de samenwerking met het handvest, het handvest richt zich op lokaal jeugdwerk en wat jongeren ervan moeten kunnen verwachten. Daarom moet “jeugdwerk” in dit handvest worden opgevat als “lokaal jeugdwerk” of “de lokale jeugdwerkrealiteit van jongeren”, ook al wordt dit vanwege de leesbaarheid niet expliciet in elke zin vermeld. 

Niet-formeel leren

Niet-formeel leren is “leren dat plaatsvindt door middel van geplande activiteiten (in termen van leerdoelstellingen, leertijd) waarbij een vorm van leerondersteuning aanwezig is”. Dit betekent dat het het resultaat is van niet-formeel onderwijs, d.w.z. gepland onderwijs met onderwijsondersteuning dat buiten het formele onderwijssysteem plaatsvindt in bijvoorbeeld jeugdwerk.  

Bron: Raad AANBEVELING van 20 december 2012 betreffende de validatie van niet-formeel en informeel leren (2012/C 398/01) 

Informeel leren

Informeel leren is “leren dat voortvloeit uit dagelijkse activiteiten in verband met werk, gezin of vrije tijd en niet is georganiseerd of gestructureerd in termen van doelstellingen, tijd of leerondersteuning”. Dit betekent dat informeel leren wordt verworven door het dagelijks leven en wordt gevormd door de verschillende situaties die je tegenkomt en de cultuur waarin je leeft (en dat er niet zoiets bestaat als informeel onderwijs).  

Bron: Raad AANBEVELING van 20 december 2012 betreffende de validatie van niet-formeel en informeel leren (2012/C 398/01) 

EGL illustratie contact

Contact

Heeft u vragen, suggesties of ondersteuning nodig? Neem dan contact met ons op via deze link. formulier!